De mooiste wandelroutes in Nationalpark Unteres Odertal
Ontdek de mooiste wandelingen in Nationalpark Unteres Odertal. 1 routes op de kaart, met beschrijvingen, foto's en GPX.
Over Nationalpark Unteres Odertal
Het Nationalpark Unteres Odertal is een uiterwaardenlandschap langs de Duits-Poolse grens dat gedomineerd wordt door water en polders. Wie hier gaat wandelen, kiest tussen twee uiterst verschillende landschappen. Aan de oostkant loopt u door de brede, vlakke riviervallei van de Oder, waar natte graslanden en rivierarmen het beeld bepalen. Aan de westkant stijgt het terrein direct omhoog naar beboste stuwwallen en droge, kalkrijke heuvels die tijdens de ijstijd zijn opgestuwd.
Lees meer
Over Nationalpark Unteres Odertal
Het Nationalpark Unteres Odertal is een uiterwaardenlandschap langs de Duits-Poolse grens dat gedomineerd wordt door water en polders. Wie hier gaat wandelen, kiest tussen twee uiterst verschillende landschappen. Aan de oostkant loopt u door de brede, vlakke riviervallei van de Oder, waar natte graslanden en rivierarmen het beeld bepalen. Aan de westkant stijgt het terrein direct omhoog naar beboste stuwwallen en droge, kalkrijke heuvels die tijdens de ijstijd zijn opgestuwd.
Lees meerHet Nationalpark Unteres Odertal is een uiterwaardenlandschap langs de Duits-Poolse grens dat gedomineerd wordt door water en polders. Wie hier gaat wandelen, kiest tussen twee uiterst verschillende landschappen. Aan de oostkant loopt u door de brede, vlakke riviervallei van de Oder, waar natte graslanden en rivierarmen het beeld bepalen. Aan de westkant stijgt het terrein direct omhoog naar beboste stuwwallen en droge, kalkrijke heuvels die tijdens de ijstijd zijn opgestuwd.
De ondergrond bepaalt uw routekeuze. In de lagergelegen polders wandelt u over verharde dijken en grindpaden langs de waterlopen, waar in de wintermaanden grote delen opzettelijk onder water worden gezet. Op de hellingen en de hogergelegen droge graslanden loopt u juist over onverharde zand- en bospaden tussen de eiken en beuken. Verwacht hier geen ruige bergen of diepe kloven, maar een afwisseling van weidse rivierkleipolders en steile, beboste hellingen.
Het park is vooral herkenbaar aan de strikte scheiding tussen de natte rivierdalen en de droge hellingbossen. In het voorjaar en de vroege zomer zijn de bloemrijke kalkgraslanden op de heuvels bij Criewen op hun best, terwijl de polders dan juist langzaam droogvallen. De lagergelegen delen kunnen bij hoogwater afgesloten zijn, waardoor u automatisch bent aangewezen op de hogergelegen bosroutes langs de rand van het dal.